Overzicht
Zweeds naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. klibbig:
  2. Wiktionary:


Zweeds

Uitgebreide vertaling voor klibbig (Zweeds) in het Nederlands

klibbig:

klibbig bijvoeglijk naamwoord

  1. klibbig (segt; limaktigt; limaktig; klibbigt)
    gomhoudend
  2. klibbig (klibbigt; gummiaktigt)
    rubberachtig

Vertaal Matrix voor klibbig:

Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
rubberachtig gummiaktigt; klibbig; klibbigt
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
gomhoudend klibbig; klibbigt; limaktig; limaktigt; segt

Synoniemen voor "klibbig":


Wiktionary: klibbig


Cross Translation:
FromToVia
klibbig kleverig; klevend; aanklevend; adhesief adhésif — Qui adhérer.
klibbig kleverig; agglutinerend agglutinant — Qui agglutiner.
klibbig kleverig collant — Qui colle